SVBPVH VERBETERT DE PENSIOENEN IN DE HAVENSECTOR

Deze pensioenverbeteringen zijn mogelijk dankzij een lange maar succesvolle strijd om de nalatenschap van PVH, ons vroegere pensioenfonds. Die strijd leidde in 2010 tot een akkoord met Stichting Optas, waardoor we 500 miljoen euro kregen. Ten slotte bereikten we ook een akkoord met Aegon, zodat we sinds 2015 verdere pensioenverbeteringen doorvoeren. Ter waarde van nog eens 188 miljoen euro.

 

 

  Stap 5 
 
Wat:

 55 extra basispunten bij de inkoop van een pensioenuitkering uit kapitaal

Voor wie:  Collega's met een beschikbarepremieregeling met kapitaal, waarvoor per 30 september 2013 premie werd betaald aan Optas/Aegon
Wanneer:  April 2015 - met terugwerkende kracht naar 1 oktober 2013   


Extra basispunten = extra rente
Collega's die aan de voorwaarden voldoen (zie hieronder) en bij Aegon een pensioenuitkering inkopen, krijgt 55 basispunten extra. Dat is 0,55% rente bovenop de marktrente van dat moment. 

Voorbeeld
Kapitaal in de pensioenpot: 200.000 euro
Marktrente 1,3% = 8.200 euro bruto pensioen per jaar (vanaf de leeftijd van 65 jaar).
Rente 1,85% (1,3% + 0,55%) = 8.800 euro bruto pensioen per jaar (vanaf de leeftijd van 65 jaar).Kijk voor meer uitleg
bij Vaak gestelde vragen.

Gaat u met pensioen?
Wie vanaf nu pensioneert (ook al is dat pas over twintig jaar) krijgt een offerte/uitkeringsbrief waarin al rekening is gehouden met de 0,55% extra rente.
Eind juni 2015 ontving u een document ter bevestiging van die toekomstige verhoging.
Zie verder bij Vaak gestelde Vragen.

Bent u al met pensioen?
Als u op of na 1 oktober 2013 bent gepensioneerd dan krijgt u alsnog deze extra rente toegekend, met terugwerkende kracht naar de ingangsdatum van uw pensioen.
Ook kreeg hierover in juni 2015 bericht van Aegon. 

Zie verder bij Vaak gestelde Vragen.

Let op! Voorwaarden!
Deze regeling voor extra basispunten geldt alleen voor medewerkers met een beschikbarepremieregeling met kapitaal, waarvoor per 30 september 2013 premie werd betaald aan Optas/Aegon.
Rechthebbende personen kregen in juni 2015 persoonlijk bericht thuis gestuurd.

Er zijn ook medewerkers met een beschikbarepremieregeling voor wie jaarlijks de premie wordt omgezet in definitieve pensioenrechten. Op dit type pensioenverzekering kunnen de extra basispunten niet worden toegepast.
Zie verder bij Vaak gestelde Vragen.

ARBITRAGE

Tekst onder dit tabblad is uitsluitend bestemd voor (ex)medewerkers van APMT Rotterdam

UITSLAG ARBITRAGE

In juni 2017 is door arbitrage definitief een einde gemaakt aan het geschil tussen Aegon en Stichting Belangenbehartiging over de interpretatie van het Akkoord van 2014.
De arbiters hebben Aegon in het gelijk gesteld.

Volgens Stichting Belangenbehartiging hadden (ex)medewerkers van APMT Rotterdam recht op de door Aegon te financieren 55 extra basispunten wanneer zij op 30 september 2013 premie betaalden voor een beschikbarepremieregeling aan Optas/Aegon.
Aegon betwistte deze redenering. Volgens hen hoeven de extra basispunten alléén toegekend te worden aan medewerkers die “reeds op 30 september kapitaal opbouwden in een beschikbarepremieregeling”. De arbiters zijn het eens met de zienswijze van Aegon. 

Wat betekent de uitspraak?
Het gevolg is dat Aegon uitsluitend 55 extra basispunten hoeft te financieren voor (ex)medewerkers die deelnamen aan de zogeheten “bijspaarmodule” bij Aegon.
De veel grotere groep medewerkers die de Stichting op het oog had, valt dus niet onder het Akkoord van 2014.

Wat gaat de Stichting nu doen?
De Stichting blijft bij haar oorspronkelijke uitgangspunt:
Alle medewerkers die voldoen aan de voorwaarden ‘aan de voordeur’ (op 30 september 2013 een beschikbarepremieregeling waarvoor premie werd betaald aan Optas/Aegon) én straks ‘aan de achterdeur’ (pensioen inkopend uit kapitaal) hebben recht op 55 extra basispunten.

Dit geldt óók voor (ex)medewerkers van APMT Rotterdam, inclusief degenen die intussen naar APMT Maasvlakte II zijn overgestapt.
Wie aan de voorwaarden voldoet, krijgt bij pensionering 55 extra basispunten op het in te brengen kapitaal. Dus níet op inmiddels ingekochte, of later in te kopen, vaste pensioenaanspraken. En ook níet op eventueel (toekomstig) kapitaal dat is, of wordt, verworven uit omzetting van ingekochte aanspraken naar kapitaal.

Voor de duidelijkheid: kapitalen die nu worden opgebouwd bij ABN Amro en ASR, en waarvan op pensioendatum pensioen wordt ingekocht, komen wél in aanmerking voor de 55 extra basispunten.
De kosten die hiermee gemoeid zijn, neemt de Stichting dus voor eigen rekening.

Hoe wordt deze zaak verder afgehandeld?
In de komende periode werken APMT Rotterdam en APMT Maasvlakte II samen met Stichting Belangenbehartiging aan het opstellen van een definitieve lijst van personen die recht hebben op 55 extra basispunten.

Daarnaast wordt onderzocht hoe de basispuntentoekenning precies gestalte moet krijgen.

Rechthebbende medewerkers krijgen te zijner tijd een schriftelijke bevestiging thuisgestuurd. Hierin wordt ook uitgelegd welke procedure bij pensionering moet worden gevolgd.

SVBPVH, 30 juni 2017

 

Oktober 2015
MEDIATION OMWILLE APMTR en APM Maasvlakte II


Stichting Belangenbehartiging en Aegon hebben een verschil van mening over de uitleg van hun in april 2014 gesloten Akkoord. Kern van het interpretatieverschil is de toekenning van 55 basispunten aan een specifieke categorie medewerkers, die volgens de Stichting wél en volgens Aegon niet in de doelgroep valt. Op verzoek van Stichting Belangenbehartiging wordt de kwestie nu onderworpen aan mediation. Dit betekent dat een onafhankelijke bemiddelaar zal proberen de partijen op één lijn te krijgen. 

Het geschilpunt komt voort uit het Akkoord over het Beklemde Vermogen van april vorig jaar. Onderdeel daarvan is de toekenning van 55 extra basispunten op twee voorwaarden: 
1. De medewerker had op 30 september 2013 een actieve pensioenverzekering waarvoor premie verschuldigd was aan Optas/Aegon.
2. De medewerker met een beschikbarepremieregeling koopt op de pensioendatum bij Aegon een pensioenuitkering uit zijn opgebouwde kapitaal. 

De toekenning van 55 basispunten levert voor het overgrote deel van havenmedewerkers geen enkel probleem op. 
Een struikelblok vormen bepaalde medewerkers van APMTR en APM Maasvlakte II. 

Aegon is namelijk van oordeel dat een groot deel van de medewerkers van APMTR en APM Maasvlakte II niet thuishoren op de ‘lijst van rechthebbenden’, de namenlijst die een integraal onderdeel is van het Akkoord. Aegon redeneert: veruit de meeste medewerkers van APMTR betaalden per 30 september 2013 weliswaar premies voor een beschikbarepremieregeling, maar dat is het type regeling waarmee je geen kapitaal opbouwt maar direct gegarandeerde pensioenaanspraken inkoopt. Dus, zegt Aegon, deze mensen komen niet in aanmerking voor 55 basispunten. 

Deze uitleg van de voorwaarden is voor Stichting Belangenbehartiging onacceptabel. Medewerkers van APMTR en APM Maasvlakte II hebben recht op 55 basispunten wanneer zij op hun pensioendatum met kapitaal naar Aegon gaan. Het enige dat daarvoor noodzakelijk is, is dat zij ook ‘aan de voordeur’ aan de gestelde vereisten moeten hebben voldaan. Dat is: premiebetalend aan Optas/Aegon voor een beschikbarepremieregeling op 30 september 2013. 

Pas bij ‘de achterdeur’ - op de pensioendatum - zal moeten blijken OF, en HOEVEEL, kapitaal deze medewerkers intussen hebben kunnen opbouwen. En over dat kapitaal - groot of klein - zal Aegon met 55 basispunten extra rekening moeten houden. In de afgelopen maanden zijn de Stichting en Aegon er samen niet uitgekomen. Vandaar dat de kwestie nu wordt voorgelegd aan een bemiddelaar. Als die de partijen niet op een lijn krijgt, kan de kwestie nog aan arbitrage worden onderworpen, zegt de Stichting. 

De Stichting benadrukt dat zij ervoor staat dat “gelijke gevallen ook gelijk worden behandeld”. Alle medewerkers die ‘aan de voordeur’ (30 september 2013) én straks ‘aan de achterdeur’ (pensioen inkopend uit kapitaal) aan de voorwaarden voldoen, hebben recht op 55 extra basispunten. Dit principe staat los van de uitkomst van de mediation/arbitrage, en dus los van de vraag wie uiteindelijk de rekening betaalt. 

SVBPVH, 5 oktober 2015



 
Stap 1